Een knieprothese

Heeft u een een knieprothese of  krijgt u op korte termijn een knieprothese? Wij geven u inzicht in het hele proces van het krijgen van een knieprothese. In dit artikel leggen we u alles uit over de revalidatie en de gevolgen van een knieprothese.

 Wat is eigenlijk precies een knieprothese?

Een totale knieprothese is een chirurgische ingreep waarbij het aangetaste kniegewricht wordt vervangen door een kunst knie, een zogenaamde knieprothese. De knie is een soort scharniergewricht wat er voor zorgt dat het bovenbeen en onderbeen ten opzichte van elkaar goed kunnen bewegen. Gedurende een totale knieprothese operatie wordt het einde van het dijbeen (femur) verwijderd en vervangen door een metalen omhulsel. Het einde van het onderbeen (tibia) wordt ook verwijderd en vervangen door een metalen steel die in het onderbeen wordt geplaatst, hierop komt een hard plastic deel (spacer).

 Wat moet u overwegen voor u kiest voor een knieprothese?

Een knieprothese wordt overwogen bij patiënten die een versleten en pijnlijk kniegewricht hebben door bijvoorbeeld artritis, artrose, reuma, of als gevolg van een trauma, leidend tot pijnlijke aandoeningen van het kniegewricht. De meest voorkomende reden om voor een knieprothese te kiezen, is ernstige artrose met pijn in de knie wat meestal leidt tot beperkingen in het normale dagelijkse leven.

Als er vergevorderde artrose of artritis in de knie aanwezig is, gepaard gaand met pijn en stijfheid, is het tijd serieus te overwegen of een nieuw kniegewricht (knieprothese) geplaatst zou moeten worden. Mede omdat het verminderen van de dagelijkse beweging van de knie kan leiden tot spierkracht verlies en een steeds slechtere algemene lichamelijke conditie. Het overwegen van een operatie, wel doen of niet doen, is niet eenvoudig. De patiënten moeten de risico’s overwegen en de voor- en nadelen afwegen. De orthopeed helpt u met goede voorlichting en kan samen met u de beste opties doornemen.

Wat zijn de risico’s van een knieprothese?

Een van de risico´s van een knieprothese operatie is de kans op trombose (bloedstolsel). Deze bloedstolsels kunnen zich bijvoorbeeld verplaatsen naar de longen(longembolie). Een longembolie kan leiden tot kortademigheid, pijn op de borst en zelfs tot een shock. Om dit risico zoveel mogelijk te verkleinen krijgt u preventief, na de operatie, antistollingsmiddelen. Ook wordt er al snel na de operatie een begin gemaakt met fysiotherapie. Door al snel het geopereerde been te gaan bewegen vermindert de kans op trombose aanzienlijk. Andere risico’s zijn infecties van de wond of de urinewegen en mogelijke complicatie zijn misselijkheid en braken (net na de operatie), chronische kniepijn en stijfheid (als u geen goede fysiotherapie/revalidatie krijgt na de ingreep), bloeding in het kniegewricht, zenuwschade. Bovendien kan anesthesie schade aanbrengen aan het hart, longen en lever. Bijna alle boven genoemde complicaties komen gelukkig weinig voor. Het komt echter wel vaak voor dat er, na de ingreep, te weinig wordt gedaan aan fysiotherapie, waardoor de kans bestaat dat stijfheid en pijn terug komen. 

Voor de operatie wordt de knie grondig geëvalueerd

Voordat u een operatie ondergaat wordt de pijnlijke knie grondig onderzocht. Dit is belangrijk om een goed besluit te nemen voor de operatie. Er worden een aantal tests gedaan en röntgenfoto´s gemaakt. Verder worden alle medicijnen die de patiënt al neemt goed beoordeeld. Bloedverdunnende medicatie en ontstekingsremmende medicatie moeten meestal worden beperkt of gestopt net voor de chirurgische ingreep. Dit wordt met u besproken door de behandelend arts. 

Wat gebeurt er in de postoperatieve periode?

Een totale knieprothese vereist over het algemeen een tot twee uur operatietijd. Na de operatie wordt de patiënt meegenomen naar de uitslaapkamer (verkoeverkamer), waar alle vitale organen regelmatig worden gecontroleerd. Wanneer de patiënt stabiel is gaat men terug naar de afdeling.

Revalidatie, fysiotherapie en oefentherapie vormen een heel belangrijk onderdeel van het herstelproces en vereisen volledige deelname van de patiënt voor een optimaal resultaat. Patiënten kunnen vaak na 24 uur na de operatie beginnen met de revalidatie / fysiotherapie. In sommige ziekenhuizen wordt al op de dag van de operatie een begin gemaakt met de eerste mobilisatie. Een zekere mate van pijn, ongemak, en stijfheid is normaal de eerste dagen ná de operatie. In deze fase heeft fysiotherapie met name tot doel het optimaliseren van de mobiliteit van het kniegewricht. Er zal dan ook vrij snel begonnen worden met mobilisatie en loopoefeningen met krukken, looprek of rollator. Ook zullen de patiënten leren opstaan, gaan liggen en zitten en zelfs al traplopen, in de eerste dagen postoperatief.

Soms komt het voor dat de bewegelijkheid van de nieuwe knie beperkt blijft na de ingreep. Een continu passieve motion machine(CPM) kan dan uitkomst bieden om de knie rustig door te bewegen. De machine beweegt constant van buiging naar strekking terwijl de patiënt ontspant. 

Wat te doen na ontslag uit het ziekenhuis?

Belangrijk voor patiënten in de poliklinische fase is direct te starten met actieve oefentherapie, lymfdrainage en mobilisatie oefeningen onder begeleiding van een fysiotherapeut. Dit is van belang voor een optimaal herstel na een totale knie prothese. De patiënt moet blijven oefenen om de spieren rondom het nieuwe gewricht te versterken, de stabiliteit te vergroten en littekenvorming(contractuur) te voorkomen. Deze actieve oefentherapie zal de hersteltijd verminderen en leiden tot een optimale kracht en goede stabiliteit van het nieuwe gewricht. Ook helpt intensieve revalidatie als preventie van een snelle slijtage van het nieuwe gewricht, doordat goed getrainde spieren de prothese ontlasten.